Wij maken gebruik van cookies

Om je zo goed mogelijk van dienst te kunnen zijn, maken wij gebruik van cookies. Door de cookies te accepteren, word je herkend. Zo kunnen we onze website afstemmen op jouw persoonlijke voorkeuren en kunnen we je relevante informatie en advertenties laten zien. Voor meer informatie kun je kijken bij ons cookie- en privacybeleid. Door gebruik te maken van deze website of door hiernaast op akkoord te drukken, geef je aan akkoord te zijn met het gebruik van cookies.

Ik ga akkoord

Nieuws

1 mei 2020
RSW: Sterke onbalans tussen warmtevraag en -aanbod in West-Overijssel

Energieregio West-Overijssel presenteerde eind april haar concept-RES. Buro Loo droeg bij aan deze RES door het deel over de warmtetransitie op te stellen. Daaruit bleek onder meer dat er een onbalans is tussen de lokale warmtevraag en het aanbod van duurzame warmtebronnen in West-Overijssel. West-Overijssel In de 11 gemeenten van West-Overijssel is de totale verwachte warmtevraag van de gebouwde omgeving in 2030 12,3 PJ. Het duurzame warmte-aanbod ligt op 28,8 PJ. Met name de theoretische potentie voor geothermie is in bepaalde gemeenten fors, al liggen er daar nog flinke uitdagingen.Uit de eerste analyse voor de Regionale Energiestrategie (RES) van West-Overijssel blijkt het volgende:Er is een sterke onbalans tussen de lokale warmtevraag en het warmte-aanbod. In Deventer, Dalfsen, Hardenberg en Raalte is er een (zeer) beperkt aanbod. In Zwartewaterland en Kampen is er mogelijk juist fors meer aanbod dan vraag (zie ook grafiek). Er is weinig grootschalige restwarmte van industrie beschikbaar; Mogelijk kunnen drie gemeenten in Overijssel (Zwartewaterland, Kampen en Zwolle) gebruik maken van geothermie; Er is veel potentie voor duurzame gassen: beschikbaar biomassa kan worden omgezet in biogas of groengas; Inzetten op het beperken van de warmtevraag (energiebesparing) is zeer belangrijk.Vraagstukken Uit de analyse voor de warmtetransitie kwamen ook een aantal randvoorwaarden en vraagstukken naar voren om te agenderen op nationaal niveau:Voor geothermie dient een instrumentarium te worden ontwikkeld om lokaal en regionaal regie te kunnen nemen op het gebruik van de ondergrond en de plaatsing en verdeling van de warmte. Voor biogas en groengas moet duidelijkheid komen over welke beslissingsbevoegdheid en regie provincie en gemeenten hebben/krijgen rondom de lokale inzet van bio- en groengas. Er moeten extra middelen komen voor professionalisering van energieloketten. Duidelijkheid over het beleid van het Rijk is nodig rondom organisatie regionale (publieke) warmtebedrijven (bevoegdheden, investeringsruimte, kostendekking). Er moeten passende financiering en/of financiële arrangementen voor regionale warmtevraagstukken komen. Wetgeving (met name Warmtewet 2.0) dient te worden aangepast. Vanuit het belang van de gemeente en provincie (om te zorgen voor de eigen inwoners) is er een aantal zaken die in de komende tijd goed verankerd moeten worden in deze nieuwe wetgeving en waarover gesprekken plaatsvinden met de Rijksoverheid. Dit betreft:Voldoende ruimte bij de aanwijzingsbevoegdheid (geen regie zonder een toereikend handelingsperspectief). Cruciaal daarbij is het stellen van lokale voorwaarden aan warmtebedrijven, de omvang van een “warmtekavel” en de duur van de verplichting. Toewerken naar een integrale energiewet voor Gas, Electra en Warmte. Nu is de wetgeving gescheiden waardoor netwerkbedrijven geen warmtenet mogen aanleggen en exploiteren. Wens van de gemeenten is om dit wel mogelijk te maken. Hierdoor is er een betere borging van de publieke belangen. Maar ook een borging van de verbinding tussen verschillende energiesystemen die elkaar in toenemende mate gaan beïnvloeden.De concept-RES van West-Overijssel is te vinden op www.reswestoverijssel.nl/conceptres. RES De Regionale Energiestrategie (RES) analyseert alle bovenlokale warmtebronnen en geeft inzicht in de gerealiseerde en geplande duurzaam opgewekte energie binnen een energieregio. Ook de energieregio West-Overijssel, bestaande uit 11 gemeenten, moet uiterlijk 2021 een strategie opleveren om de CO2-uitstoot terug te dringen. RSW In 2050 moeten er landelijk zeven miljoen huizen en één miljoen gebouwen van het aardgas worden afgehaald en van duurzame warmte zijn voorzien. Deze opgave heet de warmtetransitie. De regie voor deze warmtetransitie ligt bij gemeenten. Binnen de RES zoomt de Regionale Structuur Warmte (RSW) in op de warmtetransitie. Het heeft als doel om op regionaal niveau een overzicht te krijgen van de warmtevraag, het warmteaanbod en benodigde infrastructuur. Bij het warmteaanbod kun je denken aan duurzame bronnen als: biomassa, biogas, groen gas, geothermie (aardwarmte) en restwarmte (van bijvoorbeeld fabrieken).beeld via Youtube, Bart Jaspers Faijer (wethouder Ommen) presenteert de concept-RES samen met Marcel Blind (wethouder Olst-Wijhe).

Duurzame appartementen Lansingerland 4 mei 2020
Duurzame appartementen in Lansingerland

Voor de realisatie van een appartementencomplex op de hoek Randweg-West en Noorderparklaan in Parkzoom 4 (Bergschenhoek) is een definitieve gunning verleend aan Hermes Project uit Berkel en Rodenrijs met Wubben.Chan Architecten uit Naaldwijk. Zij hebben met hun duurzame inschrijving de aanbesteding gewonnen die de Gemeente Lansingerland heeft uitgeschreven.Buro Loo helpt Lansingerland om duurzaamheidsambities te realiseren In deze aanbesteding was er een bescheiden, maar cruciale rol voor Buro Loo weggelegd. Namens de gemeente werden door ons namelijk de duurzame selectie- en gunningscriteria in de aanbestedingsleidraad opgesteld en vervolgens ook de inschrijvingen beoordeeld. Er volgt later nog een verificatie van de plannen tijdens de realisatie.In dit project hebben wij gefocust op een viertal speerpunten met minimumeisen, waarvan in de verschillende fasen van het project (ontwerp, realisatie en exploitatie) moest worden aangetoond dat deze zijn (of worden) behaald. Hiervoor werden richtlijnen aan de uitvraag toegevoegd voor de toetsing. De speerpunten zijn:het wordt 'een-nul-op-de-meter' gebouw (energie); een toekomstbestendige bouw (dit betekent onder andere dat drager en inbouw gescheiden dienen te worden, het thermische comfort en daglicht geborgd moet worden); het gebruik van duurzame (circulaire) bouwmaterialen; (compensatiesteen voor alle kalkzandsteenwanden, organische isolatie (cellulose), ballustrades van gerecycled metaal, circulaire  kanaalplaatvloeren, betonproducten met Beton Bewust-CSC label en houtproducten met FSC label. De binnenwanden worden uitgevoerd in HSB) klimaatadaptatie. (w.o. het bufferen van hemelwater )Wij wensen Hermes Project uit Berkel en Rodenrijs succes met de verdere uitwerking en realisatie van het plan.

21 februari 2020
Trots op tweede plek voor ontwikkeling VDMA-terrein Eindhoven

In het centrum van Eindhoven ligt het VDMA-terrein van ruim 18.000 m2 groot. Een bijzondere en historische plek in de stad, want op het VDMA terrein staan twee iconische gebouwen. Allereerst de Luciferfabriek, waar Eindhoven onder meer zijn bijnaam ‘Lichtstad’ aan ontleent, en daarnaast de Zusterflat uit de naoorlogse tijd die de wederopbouw van de stad markeert. Ook grenst het gebied aan het ‘landschap’ van de rivier de Dommel. Vanuit de gemeente Eindhoven ligt er de opgave om dit gebied te verkopen en te herontwikkelen tot een bruisend gebied. In de afgelopen twee jaar heeft het team* van ”MOOI ontwikkelt” en ABC Vastgoed hier hard aan gewerkt. De duurzame invulling van het plan kwam tot stand dankzij de expertise van Buro Loo. We lieten twintig consortia achter ons in de race om het winnende ontwerp voor het VDMA-terrein (Van der Meulen Ansems). Ondanks dat we op de tweede plaats zijn geëindigd, zijn we trots op het resultaat en op het hele team! Daarom geven we graag een inkijkje in het plan.Binnen de duurzame invulling van het VDMA-terrein is gekozen voor drie typerende aspecten: radicaal groen, de kracht van de natuur en duurzaam wonen.Radicaal groen Zowel de openbare ruimte, gevels en daken worden radicaal begroeid met gevarieerde beplanting en vormen samen een groene leeflaag op het terrein. Hier steken de vier contrasterende hoogbouwelementen bovenuit met hun markante uiterlijk, waarvan de roofscraper, het horizontaal georiënteerde icoon als ‘wolk’ boven de zusterflat hangt. Een uitnodigende trap verbindt het openbaar groen van het maaiveld met de collectieve dakterrassen bovenop de Zusterflat, de Luciferfabriek en de roofscraper. Het vele groen draagt in grote mate bij aan een prettige en gezonde plek om te verblijven. Daarnaast zorgt het voor verkoeling, opname van fijnstof en in combinatie met de polderdaken een vertraagde opname van regenwater in het gebied.De kracht van de natuur Ook op andere manieren maken we gebruik van de kracht van de natuur. Ten eerste om energie op te wekken: op de daken en gevels van alle hoogbouwelementen liggen (high-end) zonnepanelen. Bovenop de hoogste toren wordt zowel zonne- als windenergie opgewekt met de PowerNest.Ten tweede wordt al het afvalwater van VDMA gezuiverd in de biomakery, een kas met subtropische waterplanten. Micro-organismen groeien op de wortels en zuiveren het water. Het gezuiverde water wordt vervolgens afgewaterd in de Dommel. Hiermee wordt het rioolsysteem ontlast en wordt ook een nieuwe blauwe verbinding gelegd in de stad.Duurzaam wonen In het plan is ongeveer 75.000 m2 aan bebouwing opgenomen, waarvan zo’n 55.000 m2 aan woningbouw. De rest van het plan bestaat uit werkruimtes, winkels, horeca, een mobiliteitshub en ruimte voor parkeren. Dat alles voor Eindhovenaren met een verschillende beurs; van tijdelijke studentenwoningen tot vrije sector koopwoningen. Ook worden er co-living en long-stay woonplekken gerealiseerd. Talenten kunnen hier groeien en dankzij de prachtige woonomgeving hebben ze een reden om te blijven. In het plan komt techniek, design en kennis -typisch Eindhovens- samen. Talentontwikkeling wordt gestimuleerd door samenwerking met onderwijs, jongerenwerk en een start-up accelerator.VDMA is een plek om te verblijven. Dit komt niet alleen tot uiting in de openbare dakterrassen, collectieve tuinen en de publieke ruimtes, maar ook in de mobiliteitshub. In deze hub wordt gedeeld elektrisch vervoer gefaciliteerd en is een grote openbare fietsenstalling. Het verkeer van en naar VDMA wordt vanuit hier geregeld, zodat het gebied zelf autoluw kan blijven.Al met al vinden wij als Buro Loo het een prachtig plan dat laat zien tot wat we –samen met de natuur– in staat zijn!*Binnen het team werkten we met plezier samen met: ABC Nova, ABC Vastgoed, MOOI ontwikkelt, Buro Harro, bureau marco.broekman, Civic architects, Braaksma & Roos, VenhoevenCS, Morgenmakers, Move Mobility, ABT, Erna van Holland COB-WEB advies, Iris advies, Total cost, Weebers Vastgoed Advocaten en HeyheydeHaas.

6 december 2019
Bathmen loopt warm voor aardgasvrij

Ruim 100 geïnteresseerde Bathemers kwamen eind november af op de informatiebijeenkomst "Bathmen aardgasvrij". Zij werden door de gemeente Deventer, Noaber-Energie, woonstichting De Marken en Buro Loo bijgepraat over de ontwikkelingen in en kansen voor een duurzaam en aardgasvrij Bathmen.Voor de pauze ging Coöperatie Noaber-Energie in op al gerealiseerde en nog geplande  projecten rond duurzame energie in Bathmen. Twee boerderijdaken liggen al vol met zonnepanelen en de verkoop van zonnepanelen voor een derde dak loopt voorspoedig. De plannen voor een zonneweide vorderen gestaag, net zoals het initiatief van een vijftal boeren voor de aanleg van mestvergisters voor de productie van biogas. Op termijn zouden 25 boeren biogas kunnen gaan produceren. Zo denkt Noaber-Energie de energiebehoefte van Bathmen helemaal te kunnen dekken. De Marken Woonstichting De Marken werkt ondertussen hard aan het duurzamer maken van haar woningen en de nieuwbouw van gasloze woningen op de Bathmense Enk. Zo’n 200 woningen in Bathmen krijgen de komende tien jaar een facelift naar energielabel A. In 2050 wil de woonstichting alle woningen geheel duurzaam hebben. De nieuwbouw van de 120 woningen in de Bathmense Enk gaat in stappen. Alle woningen worden geheel gasloos en duurzaam.De gemeente en Buro Loo gaven vervolgens onder meer informatie over de noodzaak van de omschakeling naar duurzame energie en de open eindjes die er nog zijn. Klimaat wereldcafé Onder leiding van de  adviseurs van Buro Loo, dat de gemeente ondersteund in de overstap naar aardgasvrije wijken, was er na de pauze tijd voor een klimaat wereldcafé. In totaal 14 groepen gingen aan de slag met de beantwoording van drie vragen. Welke kansen en (on)mogelijkheden zie je voor Bathmen? Hoe kun je als dorp hiermee aan de slag en wat heb je daar voor nodig? Wat zijn de volgende stappen en wie moeten die zetten? Per ronde was er 15 minuten tijd. Met behulp van de sessie verzamelde de gemeente meer dan dertig ideeën, wensen en aanbevelingen. En verder Begin 2020 is Buro Loo nog betrokken bij het vervolg. De resultaten van de avond worden verwerkt in een eerste voorstel voor een routekaart richting een aardgasvrij Bathmen. Dit voorstel wordt dan weer aan de Bathemers voorgelegd en met hen besproken en aangescherpt.

20 september 2019
Bijzondere, duurzame bouwprojecten voor woonwijk Bosrijk

De woningbouwprojecten Het Bosbad en Bostorens hebben de ontwerpwedstrijd van de gemeente Eindhoven gewonnen. Zij mogen nu de percelen aankopen in Bosrijk, Meerhoven, en daar hun plannen gaan realiseren. De winnende plannen vielen niet alleen in de smaak bij de jury, maar ook bij veel van de bewoners die advies konden uitbrengen over de plannen.Buro Loo verzorgde net als bij de eerdere clusters van Bosrijk de beoordeling op een reeks aan duurzaamheidsaspecten. Ook bij deze eerdere clusters muntten de winnende inschrijvingen uit in duurzaamheid. Bosrijk In de wijk Bosrijk spelen duurzaamheid, ruimtelijke kwaliteit en spraakmakende architectuur een belangrijke rol. Het bestaande landschap is uitgangspunt voor de bouwontwikkeling. Het wonen in het landschap wordt vormgegeven als 'beelden in een beeldentuin'. De ruimte om de woningen heen is in feite de tuin van de bewoners van Bosrijk.De ontwikkelaars gaan hun plannen nu verder uitwerken. Naar verwachting wordt in 2020 gestart met de bouwwerkzaamheden. Het BosbadHet Bosbad van Kikx Development B.V. (20 appartementen) is zeer luchtig en ingetogen qua beeld. Het is een open gebouw dat door het landschap wordt doorsneden. Opvallend zijn de slanke buitenruimtes, ondersteund door houten boomstammen, die volledig rondom het gebouw lopen. Elke appartement heeft daardoor een riante woning brede buitenruimte.Het geheel ligt iets verhoogd in het landschap door de half verdiepte in het landschap opgenomen parkeergarage. Verder worden er milieuvriendelijke materialen gebruikt.De jury was vooral te spreken over de sterke integratie tussen landschap, stedenbouw en architectuur. Het gebouw is in al zijn eenvoud een helder, ingetogen icoon dat met zijn beeldbepalende kolommenstructuur van boomstammen opgaat in het bos. BostorensBostorens van Building4you Developments B.V. is een compact ensemble van 5 woningen rondom een collectief binnen gebied. De diversiteit in hoogtes zorgt voor een afwisselend en sculpturaal beeld. De houten gevelafwerking voegt het plan in de boomrijke omgeving. Er zijn daarnaast groene daken aanwezig en de woningen worden in gerecycled hout opgetrokken.De kracht van het plan Bostorens ligt volgens de jury in de variatie van bouwvolumes, hoogtes en rooilijnen. Er zijn daardoor mooie woningen ontstaan met elk een eigen karakter en is gelijktijdig rekening gehouden met het waarborgen van de onderlinge privacy van de buitenruimtes op maaiveld en enkele dakterrassen.  De woningen zijn ruim van oppervlak en elke woning heeft minimaal een gebouwde parkeerplaats.

9 september 2019
Verkenning naar toekomstige, duurzame energiemix Dalfsen afgerond

De gemeente Dalfsen zal alle duurzame energiebronnen met potentie dienen te benutten om energieneutraal te worden. “We hebben niet de luxe om opties te negeren.”Dat blijkt uit een verkennend onderzoek naar de toekomstige energiemix van Dalfsen dat onder meer Buro Loo uitvoerde. Energiemix Het rapport is verschenen omdat de gemeente Dalfsen -net als andere gemeenten in Nederland- voor de uitdaging staat om de energietransitie vorm te geven. Energie uit fossiele bronnen (kolen, olie en gas) moet plaatsmaken voor hernieuwbare vormen van energie (wind, zonne-energie, aardwarmte). Wethouder André Schuurman: “Deze transitie is enorm complex en ingewikkeld. Om wat meer grip op de materie te krijgen was dit onderzoek zinvol. Het helpt ons om te focussen. Voor welke opgave staan we? En welke duurzame energiebronnen hebben wel en welke geen potentie in de gemeente Dalfsen?” (Geen) potentie Het rapport maakt duidelijk dat sommige duurzame energieopties (vooralsnog) geen optie zijn in Dalfsen. Restwarmte is er bijvoorbeeld niet. En geothermie ligt voorlopig niet voor de hand.Daarom ligt de focus voor toekomstige, duurzame energiebronnen sterk op opties die wel potentie hebben: zonne- en windenergie, maar ook biogas en het benutten van bodemwarmte. “We moeten nu meters gaan maken. Alle energiebronnen met potentie moeten we gebruiken. We hebben niet de luxe om opties te negeren”, aldus Schuurman.Het rapport toont geen kaarten waar in de gemeente mogelijk windmolens of zonneparken komen. De wethouder: “Anders heeft iedereen het alleen daar nog maar over. Dat zou afleiden van de hoofdboodschap van het rapport: dat we alle duurzame energieopties met beide handen moeten aangrijpen.” Inspiratiedocument Volgens de wethouder kan het rapport goed dienen als inspiratiedocument voor inwoners en ondernemers in Dalfsen. “Iedereen kan hier mee aan de slag. Je kunt er zo je to do-lijstje van maken. Eerst energie besparen en isoleren, vervolgens zelf energie opwekken, bijvoorbeeld met zonnepanelen op het dak.”In september bespreekt de gemeenteraad het rapport dat is opgesteld onder begeleiding van BRAND project & procesbegeleiding en met medewerking van de adviesbureaus Pondera en Buro Loo.

21 juni 2019
“Energietransitie is voor 90% communicatie”

Krachtige pitches, levendige discussies, inspirerende ontmoetingen en afsluitend een heerlijk diner.Die omschrijvingen typeren de Buro Loo-dag van donderdag 13 juni perfect. Het klantevent van de adviseurs van Buro Loo werd dit jaar voor de tweede keer georganiseerd. De ambiance was deze keer zeer sfeervol: in een van de stoer ingerichte vergaderzalen van het onlangs geopende Mr. Green. Wrap-up Na een interactieve kennismaking -om het ijs tussen de gasten wat te breken- zetten verschillende sprekers ‘de toekomstbestendige wijk’ vanuit verschillende invalshoeken neer. Elke spreker verzorgde een pitch aan de hand van een scherpe stelling rond een ‘schijnbare’ tegenstrijdigheid. Hierna volgde een korte, vurige discussie, die in alle gevallen veel te vroeg moest worden afgekapt.Tijdens de pitches ging strategisch tekenaar Pamela van de Berg van de Verhalensmederij aan de slag met een visuele wrap-up. Ze vatte elke pitch samen in een schets op een groot puzzelstuk, die aan het eind van de Buro Loo-dag in elkaar werden gezet.Tekst gaat onder de fotoserie verder. Klik op een foto om deze te vergroten.[gallery ids="1463,1462,1461,1459,1458,1460,1457,1456,1455,1454,1453,1452,1451,1450"] Pitches Per pitch die tijdens de Buro Loo-dag werd gehouden, volgt hieronder een prikkelend citaat. Als nadenkertje. Bertrick van den Dikkenberg van Buro Boot over: "Klimaatverandering: investeren of accepteren?" Van den Dikkenberg: “Ik was een tijd geleden op een klimaatstudiereis in Nantes, in Frankrijk. Daar is op een eiland een nieuw ziekenhuis gebouwd. De bouw kostte 528 miljoen. We vroegen: hoe veilig is dat nou op zo’n eiland, qua overstromingsrisico? De overstromingskans is 1 op de 100 jaar. Dat is een kwestie van aanpassen, van accepteren.In Nederland doen we dat anders. We investeren. Er gaan miljarden euro’s naar het aanleggen van dijken omdat we de overstromingskans beperken tot 1 op de 1000 jaar. En dan hebben we nog hittestress. Iedereen straat zijn tuintje dicht en de hitte in onze kernen neemt enorm toe. De vraag komt op: wie is er de baas? Is het de ontwikkelaar die met de zak geld komt of is het de wethouder of de gemeenteraad. Of zijn wij uiteindelijk allemaal gewoon… de dupe?” Eva Petra Simon van Veluwe Duurzaam over "Energietransitie voor bewoners: voorschrijven of stimuleren?" Simon: “Voordat iedereen nog maar droomde over duurzaamheid hadden we in de regio Noord-Veluwe al een energieloket voor inwoners. De energietransitie zien we als het spelen van een bordspel. Beleidsmakers maken de spelregels en als energieloket houden we ons bezig met het spelen van het spel. Zo zijn we in wijken in Harderwijk aan de slag. Daarbij merken we dat het belangrijk is dat je de hele transitie niet dichttimmert, maar tijdens het spelen van het spel kunt bijsturen, oftewel dat je de spelregels kunt aanpassen.Onze hoofdtaak als energieloket is communiceren. Je speelt een spel niet op een leuke manier als je niet goed communiceert. We luisteren, we gebruiken humor, we investeren tijd. Een energiecoach kan nog zo’n goede berekening maken voor een woning, als deze niet luistert naar de inwoners, verdwijnt het rapport in de la. Daarom durf ik de stelling wel aan dat de hele energietransitie voor 90 procent communicatie en maar voor 10 procent techniek is.” Manfred Fokkema van Infense Advocaten over "Inkoopregels en contractvormen: versnellers of vertragers van effectief klimaatbeleid?" Fokkema: “Aanbestedingsregels en contractvormen zijn geen vertragers, maar de gebruikers zorgen voor de vertraging. Dat wil ik schetsen aan de hand van een beeld: racefietsen. Ik ben er van overtuigd dat aanbestedingsregels een soort valhelm zijn. Je kunt er nog steeds keihard mee vallen, maar als je geen helm op hebt, sta je misschien nooit meer op. Als je wat op klimaatgebied wil bereiken dan moet je goed nadenken over welke pet je opzet, welke regels gelden.Een voorbeeld: de gemeentelijke gronduitgifte. Wie weet wat er in artikel 122 van de woningwet staat? Het is best ernstig dat maar weinigen dat artikel kennen. Er staat dat het verboden is voor gemeenten om te contracteren over zaken die in het Bouwbesluit zijn geregeld. Je mag dus niet via een contract afdwingen dat bij woningbouw een lagere EPC wordt opgeleverd dan wat er nu in het Bouwbesluit staat – EPC = 0,4. En ik kan u verzekeren dat hierover is geprocedeerd tot aan de Hoge Raad. Dergelijke contracten zijn gewoon nietig. Mijn advies: houdt het simpel, weet welke pet je opzet en welke regels gelden, dan ga je als de brandweer.”Nienke van Keimpema van de Gemeente Harderwijk over "De plaatselijke energiecoöperatie: onderdeel of apart van de gemeente?" Keimpema: “In de gemeente Harderwijk willen we alle mensen mee krijgen om de gewenste CO2-reductie te behalen. Je moet daarvoor je slagkracht vergroten. Je hebt verschillende partijen nodig, ondernemers, onderwijs en ook burgers.De vraag die bij ons concreet op tafel ligt: Hoe ga je de burger die mee wil doen in de energietransitie begeleiden? Moet je als gemeente bijvoorbeeld lid worden van lokale energiecoöperaties? Of moeten bij financiële ondersteuning prestatieafspraken worden gemaakt? Kunnen energiecoöperaties een deel van de lokale doelstelling voor hun rekening nemen?Aan de ene kant wil je ze volwassen en professioneel laten worden en zijn, en aan de andere kant wil je wel rendementen zien van subsidies die je in een energiecoöperatie stopt.” Tijmen van Straten van Greencrowd over "Zonneparken: duurzame energie of bloemrijk grasland?" Van Straten: “Wij hebben en zonnepark ontwikkeld dat het opwekken van energie combineert met andere functies. Zo is er in het gebied ook plaats voor waterberging en voor natuur. Er staan bomen in een vleermuizenroute, er zijn fruitbomen en de houtwallen zijn versterkt. Daarnaast wordt het terrein begraasd door schapen, dus zelfs de agrarische functie bleef min of meer behouden.Het dilemma is: kies je voor het concentreren van zonnepanelen op één plek en houdt je de rest vrij of kies je voor het mengen van functies wat meer ruimte kost. Kiezen tussen duurzame energie of bloemrijk grasland hoeft in ieder geval niet, het kan beide.”tekst Michiel Kerpel, beeld Matthijs Bisschop

10 mei 2019
Wat gemeenten moeten weten over wijkuitvoeringsplannen (of WUPs) voor duurzame warmte

Gemeenten zijn druk in de weer met de transitie naar aardgasvrije wijken. Ze moeten ook uitvoeringsplannen op wijkniveau maken. Hoe zit het met die wijkuitvoeringsplannen, ook wel WUPs genoemd? En hoe verhouden zich die tot de transitievisie? Buro Loo zet tien vragen en antwoorden hierover op een rij.De tien vragenWat is het verschil tussen een transitievisie warmte en een wijktransitieplan? Voor welke wijk maak je een WUP? Op basis waarvan selecteer je een wijk om voor 2030 van het gas af te laten gaan? Wat wordt verstaan onder ‘wijk’? Mag je als gemeente de ‘wijkgrens’ zelf bepalen? Geldt het maken van WUPS voor wijken die van het gas afgaan als eis of wens vanuit Den Haag? En waar staat dat dan? Wie controleert of een gemeente WUPS maakt ? En wat als je als gemeente bepaalt dat er geen enkele wijk van het gas af gaat, maar dat je alles na 2030 doet? Hoef je dan geen WUPs te maken? Wat is de precieze planning voor het maken van een WUP? Zijn er voorwaarden bij het maken van een WUP? Wat is de juridische status van een WUP?1. Wat is het verschil tussen een transitievisie warmte en een wijktransitieplan? De transitievisie warmte (ook wel warmtevisie of warmteplan genoemd) gaat over de grote lijnen in de gemeentelijke warmtetransitie. In de visie legt de gemeenteraad een realistisch tijdspad vast waarop wijken van het aardgas gaan. Verder staan in de visie ook de oplossingsrichtingen voor de wijken waarvan de transitie vóór 2030 gepland is. De transitievisie warmte wordt periodiek geactualiseerd, waardoor steeds nieuwe wijken zullen worden aangewezen.Wijktransitieplannen volgen op de transitievisie en vormen de uitvoeringsplannen voor de wijken die van het aardgas afgaan. Per wijk komt er dus een WUP waarin de oplossingsrichting verder is uitgediept en is uitgewerkt hoe de uitvoering wordt vormgegeven.  Deze plannen zijn eenmalig.Tabel 1. met inhoud en verschillen transitievisie warmte en wijktransitieplan.Transitievisie warmte WijktransitieplanWarmte-opties per wijk op basis van beschikbare bronnen uit RES en nog op te stellen leidraad van Rijk. Definitieve keuze van alternatieve warmtelevering in de wijk.Bevat volgorde en timing van wijken. Gemaakt met hulp van bewoners. Participatie is voorwaarde.Resultaat is een “vlekkenkaart”. Resultaat is een “detailkaart”.Reikwijdte: hele gemeente. Reikwijdte: één wijk.Periodiek geactualiseerd. Eenmalig definitief.Precieze datum waarop de toelevering van aardgas in wijk wordt beëindigd (N.B. bekendmaking dient ten minste 8 jaar voor datum plaats te hebben).2. Voor welke wijk maak je een WUP? Voor elke wijk die van het gas af gaat. De eerste WUPs moeten in 2021 worden opgeleverd. Dit gaat dan om de wijken waarvan in de eerste transitievisie warmte van de gemeente is vastgesteld dat ze in 2030 van het gas af moeten zijn. 3. Op basis waarvan selecteer je een wijk om voor 2030 van het gas af te laten gaan? Zijn hier hulpmiddelen voor?Welke wijken er wanneer van het aardgas afgaan komt te staan in de gemeentelijke transitievisie warmte. De selectie van de wijken vergt een complexe afweging. Dit komt doordat er veel data bij komt kijken en deze data tegen elkaar afgewogen dient te worden. Dit proces blijft lokaal maatwerk. Leidraad Het Planbureau voor de Leefomgeving ontwikkelt samen met het Expertise Centrum Warmte (ECW) een leidraad om gemeenten te helpen bij het maken van een objectieve analyse van oplossingsrichtingen voor wijken. De leidraad is een instrument bestaande uit twee componenten dat gemeenten moet ondersteunen bij het opstellen van de transitievisies warmte en de uitvoeringsplannen op wijkniveau. De twee componenten:De startanalyse (technisch-economisch): dit gebeurt met behulp van een open source model (het Vesta MAIS-model van PBL). De startanalyse geeft…op buurtniveau (t.b.v. wijkgerichte aanpak) de gevolgen van de verschillende (warmte)opties weer voor zowel de maatschappelijke kosten als de kosten voor verschillende eindgebruikers in de buurt. Dit inclusief een aantal gevoeligheidsanalysesEen handreiking met richtlijnen: rond gebruik van data, het doen van aannames en welke rekenregels.De Leidraad komt als eerste concept beschikbaar op 30 september en de definitieve versie komt in maart 2020. De Leidraad zal voor gemeenten het uitgangspunt worden om eventuele voorlopige warmtevisies definitief te maken. De analyse van het Vesta MAIS-model kan richtinggevend zijn voor gemeenten, maar is zeker niet leidend. Er is nog genoeg mogelijkheid voor eigen keuzes en sturing. Het beheer en de ondersteuning rond de leidraad komt bij Expertise Centrum Warmte (ECW) te liggen. Data Om een indruk te geven van de data die relevant kan zijn in de afweging over wanneer welke wijk van het gas moet afgaan, hierbij een lijstje:Wijk- en of woningkenmerken: energielabels, ouderdom van de woningen, het corporatiebezit. Bestaande plannen en projecten: renovatieplannen aan woningen, onderhoud in openbare ruimte of aan infrastructuur en vervanging energie-infrastructuur Versnellers of meekoppelkansen: problemen met hittestress, wateroverlast, criminaliteit of sociale cohesie. Kansen: bestaande warmtenetten of potentiële warmtebronnen (restwarmte). Bewonerskenmerken: hoogte inkomen, draagkracht, participatie door bestaande bewonersinitiatieven (energiecoöperatie). Kosten: maatschappelijk, voor de eindgebruiker, de business case voor energieleveranciers en netbeheerders.4. Wat wordt verstaan onder ‘wijk’? Mag je als gemeente de ‘wijkgrens’ zelf bepalen? Vaak zie je namelijk dat je per buurt van het gas af wil. Veronderstelt dat direct dat de gehele wijk dan óók van het gas af moet: dat is toch niet praktisch? Volgens de tekst uit het (ontwerp) Klimaatakkoord wordt er niet strikt aan wijkgrenzen gehouden. Gemeenten kunnen dus zelf logische gebieden indelen voor het aardgasvrij maken. In een noot in het genoemde document staat letterlijk: “De wijk en het wijkniveau wordt in dit document gebruikt voor diverse schaalniveaus. In sommige gemeenten is de wijk niet het beste aangrijpingspunt, maar een groter of juist een kleiner gebied.”De ervaring van Buro Loo is dat het verstandig is om aan te sluiten bij bestaande CBS-indelingen, zodat de plannen eenvoudig te combineren zijn met statistische gegevens en meerjarenonderhoudsplannen voor de openbare ruimte. Anderzijds kan het juist slim zijn om af te wijken van bestaande indelingen, omdat bijvoorbeeld de woningtypologie binnen een wijk sterk kan verschillen of juist over wijkgrenzen gelijk is. 5. Geldt het maken van WUPs voor wijken die van het gas afgaan als eis of wens vanuit Den Haag? En waar staat dat dan? Ja, dit is een verplichting. Zowel in het Interbestuurlijk Programma (IBP) als in het (ontwerp) Klimaatakkoord is afgesproken dat gemeenten een Transitievisie Warmte maken en uitvoeringsplannen op wijkniveau. 6. Wie controleert of een gemeente een transitievisie en WUPs maakt? Elke gemeente is verplicht om in 2021 een definitieve versie van de transitievisie warmte te hebben. Als alle warmtevisies beschikbaar zijn, checkt het Rijk op basis daarvan of de doelstellingen worden gehaald. Er moeten in de periode 2022 tot en met 2030 namelijk 1,5 miljoen gebouwen van het gas af worden gehaald (voor alle gemeenten opgeteld). Wanneer in 2021 alle transitievisies warmte beschikbaar zijn is inzichtelijk of deze (tussen)doelstellingen gehaald kunnen worden.Gemeenten dienen actief de voortgang met hun transitievisie door te geven via een nog te ontwikkelen online tool (vergelijkbaar met de tool voor Actieplan Geluid).Het is te verwachten dat er in het verlengde van de check op de Transitievisie ook gemonitord zal worden of er WUPs zijn of worden gemaakt.Uiteindelijk zal ook de gemeenteraad een rol hebben in het toezien op de uitvoering van de warmtetransitie. Dit orgaan dient de Transitievisie en de uitvoeringsplannen vast te stellen. 7. En wat als je als gemeente bepaalt dat er geen enkele wijk van het gas af gaat, maar dat je alles na 2030 doet? Hoef je dan geen WUPs te maken? In theorie lijkt dat te kloppen. Maar het Rijk en medeoverheden stellen in 2019 een procedure op over hoe ze gaan bijsturen als blijkt dat de doelen niet worden gehaald.Als doelstellingen niet gehaald worden zullen de gemeenten die verhoudingsgewijs het minste bijdragen bijsturing kunnen verwachten. 8. Wat is de precieze planning voor het maken van onder meer WUPs? Om een en ander helder te krijgen hierbij een tijdpad (inclusief nationale en regionale stappen):9. Zijn er voorwaarden bij het maken van een WUP? Ja, er is één belangrijke voorwaarde. Participatie van burgers is een must. De wijktransitieplannen staan of vallen met het participatieproces. Op het proces om te komen tot uitvoeringsplannen op wijkniveau zijn participatieprincipes van toepassing. Deze principes staan in het conceptklimaatakkoord en zijn geschreven voor de gemeente als regiehouder van het proces. Ze gelden echter voor alle betrokken partijen, zoals netwerkbedrijven, energieleveranciers, woningcorporaties, energieloketten en bouw- en installatiepartijen.De participatieprincipes moeten ten minste twee zaken garanderen:tijdige en transparante informatieverstrekking door betrokken partijen; het bieden van ruimte aan gebouweigenaren- en huurders om ideeën en wensen in te brengen.Participatieprincipes De participatieprincipes zoals ze in het conceptklimaatakkoord staan luiden als volgt (ze kunnen aangepast worden op basis van de huidige pilots aardgasvrije wijken):Wijze van betrokkenheid. Transparante en inclusieve communicatie (onder te verdelen in manier van communiceren en de informatie waarover gecommuniceerd dient te worden). Faciliteren van initiatieven. Advisering. Meerkoppelkansen.Uit de wat wollige tekst zijn de volgende voorwaarden te halen:Wijze van betrokkenheidDe gemeente informeert gebouweigenaren- en gebruikers tijdig over het participatieproces, dus voordat concrete plannen uitgewerkt zijn. De gemeente deelt eigenaren en gebruikers mee hoe ze betrokken worden bij de keuze voor het warmtealternatief.Transparante en inclusieve communicatieDe manier van communicerenDe manier van communiceren van de gemeente is inclusief, zodat iedereen weet waaraan hij of zij toe is. Inclusief communiceren betekent dat je rekening houdt met alle groepen burgers en in dit geval dus alle typen gebouweigenaren. De gemeente communiceert transparant over wat er met de inbreng/(tegen)argumenten van de betrokkenen is gebeurd.InformatievoorzieningDe gemeente informeert over…… waarom de betreffende buurt op het betreffende moment aan de beurt is om van het aardgas af te gaan.… de verschillende mogelijke duurzame alternatieven voor een buurt.… de criteria om te komen tot het warmtealternatief dat de voorkeur heeft.… de onderbouwing voor het verkieslijke warmtealternatief, vanuit:de beschikbaarheid bronnen; de laagst mogelijke maatschappelijke kosten; de impact hiervan op de leefomgeving.… de onderbouwing voor de definitieve keuze op basis van dezelfde aspecten.… het handelingsperspectief voor gebouweigenaren, met aandacht voor:welke werkzaamheden nodig zijn aan/in het gebouw; de gemiddelde kosten hierbij.… wat de gebouweigenaar kan verwachten van welke partij, zoals:gebouwgebonden financiering via geldverstrekker; collectieve inkoop via energiecoöperatie; nazorg en garanties; contracten met de warmteleverancier; informatie en advies via het (regionale) energieloket (zie ook participatieprincipe 4);Faciliteren van initiatievenDe gemeente faciliteert lokale initiatieven die een actieve rol willen pakken in het aardgasvrij maken van (een deel van de) gemeente (right to challenge).AdviseringDe gemeente zorgt voor advisering van gebouweigenaren door een (regionaal) energieloket in te richten als centraal aanspreekpunt over onder meer de warmtetransitie.MeekoppelkansenDe gemeente neemt -als regisseur van het proces- waar mogelijk meekoppelkansen mee in de overweging. Hierbij kan het gaan om bijvoorbeeld de koppeling van zaken als arbeidsmarkt en onderwijs, participatie en inburgering, sociale zekerheid. 10. Wat is de juridische status van een WUP? Definitieve keuzes die voortkomen uit uitvoeringsplannen op wijkniveau worden vastgelegd in vervolgversies van de RES 1.0. De RES en transitievisies warmte zullen uiteindelijk juridisch worden geborgd in met name de gemeentelijke omgevingsvisies, programma’s en omgevingsplannen.N.B. Extra vragen over de Leidraad zijn te vinden op de website van ECW. Buro Loo Buro Loo is een adviesbureau dat gemeenten en andere stakeholders ondersteunt bij onder meer de transitie naar een duurzame bebouwde omgeving. Zo maakten we al in 2018 voor de Gemeente Deventer een routekaart voor een aardgasvrije woningvoorraad.De consultants van Buro Loo zorgen ervoor dat u in het woud aan data over duurzame energiebronnen en warmtestrategieën tussen de bomen het bos weer ziet. We helpen u bij het maken van keuzes op basis van die data. Gebruikte bronnenOntwerp van het Klimaatakkoord (2018). Ontwerp van het Klimaatakkoord. Den Haag, 21 december 2018. Bijlage bij het Klimaatakkoord (2018). Wijkgerichte aanpak. Achtergrondnotitie ten behoeve van de sectortafel Gebouwde omgeving, 14 december 2018. Bijlage bij het Klimaatakkoord (2018). Leidraad + ECW. Achtergrondnotitie ten behoeve van de sectortafel Gebouwde omgeving, 14 december 2018. Achtergrondinfo Informatiebijeenkomst Leidraad, 25 april 2019.tekst Michiel Kerpel, beeld Shutterstock

1 april 2019
Sprintsessies Warmtetransitievisie in Overijssel van start

De 4 gemeenten in Noord-Oost Twente (Losser, Tubbergen, Dinkelland, Oldenzaal) hebben als eerste gemeenten in de Provincie Overijssel een Sprintsessie Warmtevisie gehad. “Noordoost Twente heeft tijdens een tweedaagse sprintsessie een flinke stap gezet om duidelijkheid te geven rondom het gefaseerd van aardgas afgaan in onze regio. Waarbij uiteraard aandacht is voor de technische haalbaarheid, kosten en handelingsperspectief voor onze inwoners”, vinden de vier duurzaamheidswethouders Ursula Bekhuis (Tubbergen), Ben Blokhuis (Dinkelland), Evelien Zinkweg (Oldenzaal) en Marcel Wildschut (Losser). “Er moet nog veel werk worden verzet, maar samen met alle partijen die hebben meegedacht hebben we er vertrouwen in dat het kan!” Lees hier meer over de Noordoost Twentse Warmtevisie.Concept transitievisie warmte door sprintsessiesEen team professionals van Buro Loo,  DWA en Tauw verzorgen samen tweedaagse sprintsessies voor gemeenten in de provincie Overijssel. Het doel van deze tweedaagse is het creëren van de bouwstenen voor een transitievisie warmte. Deze sprintsessies worden door het programma Nieuwe Energie Overijssel aan alle gemeentes aangeboden en leveren ook input voor de provinciale Regionale Energiestrategie (RES).Opzet tweedaagseIn twee intensieve dagen werken we met verschillende buurgemeenten aan een eerste opzet voor de warmtetransitievisie. Hierbij zijn naast een brede groep professionals afkomstig uit de gemeentelijke organisatie, ook andere partijen waaronder woningbouwcorporaties en energieleveranciers aanwezig. De aanwezigen gaan tijdens de sessies (begeleid) zelf aan de slag. De eerste ochtend worden ze volledig bijgepraat over alternatieven voor aardgas. In de middag maken de deelnemers de bouwstenen voor de transitievisie warmte. ’s Avonds presenteren ze die aan raadsleden en andere stakeholders. Aan de hand van hun reacties, opmerkingen en vragen wordt de transitievisie warmte de tweede dag in concept opgesteld. Het voordeel van deze aanpak is dat de uiteindelijke uitkomst door alle aanwezigen gedragen wordt en iedereen zich ook verantwoordelijk voelt voor het vervolg.Buro Loo heeft meegedacht over de opzet van de tweedaagse, verzorgde een inhoudelijke pitch over de alternatieven voor aardgas en begeleidde het proces in de werkgroepen om te komen tot afgewogen keuzes.Artikel in VNGOver dit geslaagde experiment is een uitvoerig artikel verschenen in VNG magazine: dat stuk kunt u hier nalezen.Meer informatieWilt u ook een sprintsessie voor uw gemeente? Neem dan contact op met Han Schreuder. Hij is te bereiken op (06) 3083 8018 of schreuder@buroloo.nl.

Kennismaken?

Wij maken graag kennis met u voor vraagstukken op het gebied van een duurzame leefomgeving.

Kennismaken
Uw browser is niet meer van deze tijd!

Update uw browser om optimaal van deze website (en vele anderen) te genieten Nu updaten!

×