• juli 6, 2018

“Overheid, benut de energie van de burger bij transities”

Overheden kunnen de energie van ‘onderop’, van de burger, vaker en beter benutten. Zeker met het oog op de enorme transitieopgaven in de komende decennia. Het inzetten van de energie van bewoners vergt een andere aanpak, een nieuwe sturing van gemeenten.

Eerste Buro Loo-dag een succes…


 

Dat betoogde prof. dr. Arwin van Buuren, bijzonder hoogleraar bestuurskunde aan de Erasmus Universiteit op donderdag 21 juni, tijdens de eerste Buro Loo-dag in Apeldoorn. “Er zijn diverse raakvlakken tussen mijn onderzoek en het werk voor een toekomstbestendige leefomgeving waar Buro Loo zich op richt.” Als gastspreker op de Buro Loo-dag ging hij juist op die raakvlakken in.

Vadertje Staat, vadertje Drees

In zijn betoog “De energieke samenleving aan zet” schetste Van Buuren hoe de overheid in Nederland in het verleden een grote rol vervulde bij projecten. Als voorbeelden noemde hij de wederopbouw na de Tweede Wereldoorlog, de Deltawerken na de Watersnoodramp in 1953 en de uitbouw van de welvaartsstaat. Minister-president Willem Drees was hier het toonbeeld van: “Men sprak van vadertje Staat, vadertje Drees.”

Volgens Van Buuren hadden deze opgaven een aantal dingen gemeen. “Er was in de samenleving een breed gevoel van urgentie en consensus over het doel en motief bij dergelijke opgaven. Daarnaast voelde de overheid zich ook verantwoordelijk en werd haar handelen als legitiem ervaren. Verder had de overheid ook de middelen om dit te doen.”

Maatschappij in transitie

Van Buuren geeft aan dat deze manier van sturing verandert. “De maatschappij is in transitie. Het gaat van een ‘big government’ naar een ‘big society’. Deze verandering vindt plaats omdat het moet: de legitimiteit van het overheidshandelen staat bij veel burgers ter discussie.”

De samenleving neemt zelf het heft in handen. “Ze is zelforganiserend geworden.” Als voorbeeld noemde Van Buuren de Friese plaats Holwerd. Waar burgers het initiatief hebben genomen om de krimp en verpaupering in het dorp tegen te gaan. “Ze willen Holwerd aan Zee worden, daarmee stelden ze in feite een dijkdoorbraak voor. De inwoners zijn enthousiast voor hun eigen idee en willen hun plaats op de kaart zetten en de gebiedseconomie stimuleren.”

Van Buuren tekende de trend met nog meer voorbeelden. Zoals een bibliotheek in Rotterdam die moest sluiten vanwege bezuinigingen. Bewoners namen de zaak over. Of meer gerelateerd aan het werk van Buro Loo: energie- en gebiedscoöperaties die zich niet alleen meer bezig houden met het opwekken van duurzame energie, maar ook met voedselvoorziening in de wijk, het creëren van een prettige woonomgeving of de klimaatbestendigheid van het gebied.

      

       

      

     

     

Eigen leefwereld

De logica van de energieke samenleving is een andere dan de logica van de overheid, legde de hoogleraar bestuurskunde uit. “Ze kijken uit een ander perspectief naar de stad en naar de opgave die de overheid heeft. Ze doen dat vanuit hun eigen leefwereld. Als de overheid het over groen heeft, gaat het als snel over beheerkosten. Terwijl een bewoner kan denken dat het een mooie plek is om groenten te verbouwen.”

De overheid speelt meer en meer in op de zelforganisatie van de samenleving. Uitnodigend bestuur heet dat, vertelt Van Buuren. Deze nieuwe vorm van sturing vraagt wel om een omslag in denken. “Daarbij treedt de overheid niet zozeer terug, maar eerder opzij. Ze maakt het mogelijk dat burgers initiatieven ontplooien.” Bij uitnodigend bestuur hoort ook dat de overheid haar assets (bezittingen) beschikbaar stelt aan de samenleving.

Sociale innovatie

Met het oog op de grote transitieopgaven waarvoor gemeenten zich gesteld zien, gaat het er om de energie die bij de burger aanwezig is te mobiliseren. “De echte innovatie is dan ook een sociale innovatie. Hoe kunnen we bij dergelijke opgaven samenwerken met alle partijen?”

Als bewoners eenmaal betrokken zijn, is het aantal issues en problemen dat ze aan kunnen pakken in principe onbegrensd. Van Buuren: “Energietransitie zou dan wel eens een vliegwiel kunnen zijn om andere achterstand in de wijk aan te pakken. Tenminste, als je het aandurft om de burgers achter het stuur te zetten.”

Vanwege de kansen die de energieke samenleving biedt, pleit de hoogleraar voor een brede blik bij de huidige transitieopgaven. “Er moet niet eenzijdig ingezet worden op een thema als energie, maar er moet breder gekeken worden. Dan krijg je de echt integrale oplossingen. Want zo wordt de wereld niet alleen duurzamer, maar ook een stuk socialer.”


Discussie: Overheid focust te veel op cijfers en te weinig op het hoe

Na de lezing ontspon zich nog een enthousiaste discussie. Zo kwam de vraag wat je moet doen bij wijken zonder burgers met zelforganiserend vermogen. In dat geval moet de overheid meehelpen bij het organiseren van dergelijke initiatieven, aldus Van Buuren.

De aanwezigen kwamen naar aanleiding van de lezing tot de conclusie dat de overheid zich te veel focust op de doelen, vaak uitgedrukt in percentages (bijv. terug te dringen CO2-uitstoot). Terwijl de manier waarop die doelen worden gehaald -zoals door initiatieven uit de samenleving-, minstens zo belangrijk is. De oproep aan de politiek was dan ook zich minder te richten op concrete, smart-geformuleerde doelen en meer op de kansen die het nadenken over het ‘hoe’ biedt.

Van Buuren noemde nog een sprekend voorbeeld van de aanpak van criminaliteit door stadmariniers in Rotterdam. Deze gingen de wijk in om het gesprek aan te gaan met de bewoners. Het bevorderde de sociale cohesie van binnenuit. “Zoiets is niet goed in cijfers uit te drukken, maar kan wel effectief zijn. Het is net zoals bij een ijsschots. Je kunt het deel dat boven water zit, gaan zitten afbikken. Maar je kunt ook de temperatuur van het water om de ijsschots opwarmen om het probleem aan te pakken. Die stadmarinier verhoogde als het ware de temperatuur in de wijk.”


Buro Loo-dag

De Buro Loo-dag is een initiatief van het jonge adviesbureau Buro Loo. De dag stond in het teken van inspiratie en klantcontacten. Naast de lezing van Van Buuren blikten de oprichters van het bedrijf, Han Schreuder en Machiel Karels, terug op de afgelopen anderhalf jaar ondernemerschap. Ze deelden hun drijfveren om samen met anderen te werken aan een toekomstbestendige leefomgeving. Ook was er een netwerkspel naar aanleiding van de principes van het Rijnlands samenwerken (Vakmanschap, Verbinding en Vertrouwen). Alle aanwezigen gingen naar huis met een boekje over het Rijnlandse model.

verslag Michiel Kerpel, publicatie 6 juli 2018

Kennismaken met Buro Loo?

Leg uw vraagstuk voor aan onze experts, zij adviseren u graag.