• juli 3, 2026

Opinie: Organiseer de koudetransitie vanuit klimaatadaptatie en gezondheid

We zijn door de heat dome heen gekomen De heat dome is weer verdreven uit ons land en we kunnen weer genieten van lagere en aangenamere temperaturen. Wat was het heet. Daar is geen discussie over. Waar de gesprekken wel over gingen, was over het vinden van koelte. Wel of geen airco kopen? Wel of geen ijs eten? Binnen blijven met die hitte of toch af en toe naar buiten, omdat het binnen te heet kan worden? Het KNMI paste haar advies daar zelfs op aan. En dan de vooruitzichten. We moeten er maar vanuit gaan dat dit het nieuwe normaal gaat worden. Klimaatverandering is een gegeven en zet door. Met als gevolg sterkere El Nino’s, extremer weer en vaker een heat dome. Hittegolven zijn niet meer weg te denken. Parallel draait de energietransitie door. Dat is geen nieuws: Het stroomnet zit vol, we moeten energieonafhankelijker worden en we moeten van het gas af. Dus maken we ons druk over congestie-arme warmtenetten om met zo min mogelijk energie onze woningen in de winter toch warm te krijgen. Terecht natuurlijk, want nog verdere opwarming van onze aarde door CO2-uitstoot is niet meer verantwoord. Ook dat is geen discussie meer. Maar... welke transitie geven we prioriteit? De warmtetransitie of de koudetransitie? En wie gaat dat voor ons regelen?

De warmtetransitie en wat daar anders gaat 

De warmtetransitie gaat nog niet zo vlot. Hoe dat komt? Misschien hebben we deze transitie niet helemaal handig georganiseerd in Nederland? Bij alle infrastructurele voorzieningen heeft de overheid een bemoeienis met het net en verzorgen marktpartijen of overheden de levering van de dienst. We betalen wegenbelasting voor het gebruik van de wegen, die de overheid voor ons onderhoudt. We betalen rioolheffing; het waterschap zorgt voor de afvoer en zuivering van het vuile water. We betalen vastrecht voor water, elektra en data, die worden geleverd door een drinkwaterbedrijf of een commerciële partij. Maar, bij de warmtetransitie hebben we besloten dat de gemeente de regie krijgt en met de buurt volledig aan zet is. Alles moet doorgerekend worden, alle risico’s moet afgewogen worden en met een businesscase bepalen we de terugverdientijd. Dààr zit de grote haper, warmte wordt projectmatig afgerekend, terwijl andere infrastructuur collectief wordt gefinancierd. Onze wegenbelasting is kostendekkend voor het onderhoud van de wegen. En als de inkomsten de kosten niet meer dekken, volgt een belastingverhoging. Niet leuk – wel noodzakelijk. Na wat mopperen gaan we over tot de orde van de dag. 

Bij de kosten is geen rekening gehouden met extremen. Voorbeeld? Dit voorjaar was er een sink hole in de A12 bij Arnhem. Onvoorziene kostenpost, die hopelijk niet meer voorkomt. Mocht dat echter wel vaker gebeuren, dan gaat de wegenbelasting vast wel omhoog. Dat is uitlegbaar en zullen we snel goed vinden. 

De koudetransitie en hoe het niet moet 

Dat we steeds vaker behoefte krijgen aan koeling van onze woon- en werkomgeving, daar zijn we het met z’n allen wel over eens. Vanuit de warmtetransitie roepen we dat we koude ook wel meteen kunnen regelen. Dat is ook zo. Als we zeer lage temperatuurnetten (ZLT) aanleggen, kunnen we alle woningen en gebouwen met een eigen warmtepomp ’s zomers koelen en ’s winters verwarmen. Maar dan zitten we weer met die businesscase. Voor het krijgen van een aansluiting om ook koude in de woning te kunnen maken, moeten bewoners betalen.  

Logisch want dat hoort nu eenmaal bij een businesscase. En die van de warmtetransitie is al zo mager; bijna nergens is de businesscase sluitend. Maar de extra kosten om een koude-aansluiting te krijgen, zijn dermate hoog, dat het goedkoper is om een airco te installeren. En dat heeft weer gevolgen voor de netcongestie. De netten moeten worden verzwaard, dat kost veel geld en capaciteit, en gaat nog een flink aantal jaren duren. 

Waar ligt de sleutel voor de oplossing?  

Inmiddels blijven we geconfronteerd met langere en warmere periodes. Met alle gevolgen van dien. Gezondheidsproblemen nemen toe en het sterftecijfer is in dergelijke periodes vaak veel hoger. We doen al veel om de buitenruimte minder warm te laten worden. Een groenere leefomgeving zorgt voor minder hittestress. Groene daken, groene wanden, meer gras en bomen. Gemeenten hebben tegelwip-programma’s, om ook de burger hierbij te betrekken. En het vasthouden van water is ook een maatregelen die helpt bij het bestrijden van de klimaateffecten in de bebouwde omgeving. Dat is uiteraard nuttig en noodzakelijk, maar daarmee blijft onze eigen woon- en werkomgeving nog steeds (te) warm. Zeker als airco’s de hete lucht uit woningen naar buiten staan te blazen.  

De koudetransitie moeten we organiseren en financieren vanuit het perspectief van de klimaatadaptatie en gezondheidszorg. Dat leidt tot een betere en gezondere leefomgeving, minder gezondheidsproblemen en een lager sterftecijfer in hete periodes. En ook de druk op de overbelaste zorg in hete periodes neemt dan af. Er zijn diverse financiële middelen. En als we dan een combinatie maken met de warmtetransitie wordt de businesscase van een warmtenet opeens veel interessanter. Kimaatadaptatiegelden voor koude en koeling vormen dan een interessante ‘inkomstenbron’ voor de businesscase van een warmte-koudenet. Misschien wordt die daarmee wel doorslaggevend. Dan snijdt het mes aan vele kanten: We verduurzamen de warmtevoorziening en reduceren daarmee CO2, we nemen maatregelen tegen de opwarming van onze leefomgeving en we zorgen voor een beter leef- en werkklimaat. Met als resultaat prettiger en gezonder wonen in warme en koude tijden voor jong en oud. 

Integrale benadering van brede welvaart, noemen ze dat. De koudetransitie biedt de kans om het slimmer te organiseren: als publieke opgave, gekoppeld aan warmte, gezondheid en klimaatadaptatie.